Een nieuw begin

Een nieuwe start.

Gisteren heb ik afscheid genomen van mijn oude job. Het was een gemengd gevoel. Sinds twee weken werk ik samen met Sanne, de nieuwe zaakverantwoordelijke, die me opvolgt en die ik trouwens ook privƩ heel goed ken. Ze zoekt zelf ook ander werk (al weet dat op het werk nog niemand) en heeft dezelfde frustraties over Bert als ik. Dit lees je hier, hier en hier.

Woensdag had Sanne een eerste gesprek met Bert die me daarbij met de grond gelijk heeft gemaakt. Bert weet niet dat Sanne en ik elkaar privƩ kennen omdat hij graag wantrouwen creƫert tussen zaakverantwoordelijken onderling en binnen teams door de verschillende partijen uit te gaan horen en dan de negatieve zaken over elkaar gaat doorbriefen aan de persoon in kwestie. Sanne is dus ook bijna de enige van de zaakverantwoordelijken die ik echt vertrouw.

Uitspraken die Bert dit keer over mij deed en me het meest bijblijven:

– Lisse heeft de natuurlijke aanleg om een team tegen haar te krijgen.

– Het gaat niet moeilijk zijn om het beter te doen dan Lisse, want veel slechter kan niet.

– Het is goed dat ze vertrekt, want anders had het ooit wel geĆ«scaleerd tussen ons.

– Ze mag dan wel een nieuwe job hebben met schoon uren, geen weekendwerk en een beter loon, maar ze gaat daar hetzelfde tegenkomen (dit kwetst me nog het hardst: me zelfs geen succes toewensen op mijn nieuwe job).

Ik heb vervolgens mijn evaluaties afgedrukt en de email waarin hij me zwart maakt tegenover anderen en die ik per ongeluk in mijn bezit kreeg. Ik vroeg Sanne wat zij zou doen in mijn plaats: mijn hart luchten bij de chef van Bert of het laten rusten. Ze zei dat ik moest aanvoelen of ik de laatste twee jaar met Bert kon loslaten of er nood aan heb om te ventileren zodat ik met een beter gevoel aan mijn nieuwe job kan beginnen.

Plots kwam Ć©Ć©n van de mensen van mijn team binnen. Ze was speciaal voor mij uit haar verlof gekomen om afscheid te nemen. Ze huilde en bedankte me voor de kansen die ik haar gegeven heb en zei dat ze me erg gaat missen. Daarna kwam ze met de rest van het team (dat gisteren aanwezig was) en kreeg ik nog heel wat afscheidscadeaus. Ik was enorm ontroerd. Van de mensen die er niet waren had ik al vroeger afscheid genomen. Ik kreeg van iedereen een knuffel, kussen en meerdere mensen zeiden me te zullen missen.

Op dat moment dacht ik: de pot op met Bert. DĆ­t is het enige wat telt: waardering van mijn team.

Misschien neem ik Ć©Ć©n van komende dagen/weken nog wel contact op met Bert zijn chef, maar ik ga het enkele dagen laten bezinken om te voelen wat het beste is.

Tot slot wil ik nogmaals mijn frustratie uiten over de slechtste chef die ik in gans mijn carriĆØre ben tegengekomen: ik heb nooit iemand gekend die zo manipulatief en machtsgeil is en die zijn functie misbruikt om mensen onder de duim te houden.

En nu probeer ik het los te laten en me te focussen op het positieve, waaronder mijn nieuwe job.

Advertenties

Slapeloos

Ik ben gaan slapen om 23.30u. Ondertussen is het 3.25u en ik heb nog geen oog dichtgedaan.

Enerzijds lig ik wakker door herinneringen aan Jenna. Zondag zal het 4 jaar geleden zijn dat ze stierf door hulp bij zelfdoding (euthanasie omwille van ondraaglijk psychisch lijden).

Anderzijds ben ik er een potje van aan het maken. Na 5 dagen vakantie in Siciliƫ met Hanne en veel ruzie, heb ik nu een vakantie in Nederland achter de rug met Hanne en onze 4 kinderen. Ik ben samen met mijn kinderen een dag vroeger naar huis vertrokken. Ik kon de spanningen niet meer aan. En daar voel ik me heel slecht bij. Het was een goeie beslissing om vroeger te vertrekken owv mezelf, maar ik weet niet of het dat ook was voor mijn kinderen. Is dit het voorbeeld dat ik hen wil geven? Gaan lopen als het moeilijk wordt? Had ik niet wat meer moeite moeten doen?

Plots kwam het besef dat ik een groot probleem heb. Ik ben niet in staat om een gezonde relatie op te bouwen en dat ligt niet aan Hanne. Het ligt aan mij. Ik kan niet op een normale manier communiceren als iets me dwars zit. Ik vind het verschrikkelijk om controle te verliezen over mijn relatie doordat Hanne bijvoorbeeld wat lichtgeraakt is. Ik kan niet omgaan met eender welke vorm van spanning of conflict (hoe klein ook). Het kan een misplaatst woord zijn of een miscommunicatie, een verkeerde interpretatie… Ik schiet onmiddellijk in een kramp en sluit me af om zo terug een evenwicht te creĆ«ren of ik vlucht.

Ik probeer me te herinneren waar de oorzaak ligt en vermoedelijk ligt de basis bij het laatste helse jaar van mijn huwelijk. Ik kon zelfs ’s nachts niet gerust slapen. Mijn lichaam stond constant in alarmfase, op het ergste voorbereid, mocht Stan wakker worden en zijn psychotisch gedrag op me uitwerken. Mijn angst voor Stan is sinds enkele maanden volledig verdwenen. Hij is nog steeds in therapie en dat werpt zijn vruchten af. Maar dat jaar vol angsten heeft me getekend. Veiligheid is ook een basisbehoefte en dat gevoel had ik niet meer. Ik was constant in angst, ook toen we niet meer samen waren en hij me stalkte met bijvoorbeeld 50 berichten in twee uur tijd (’s nachts dan nog). Angst voor zijn dreigementen, zijn bezitterigheid, zijn opdringerigheid, zijn paranoia, zijn agressie.

Het is geen excuus voor mijn gedrag bij Hanne, maar het verklaart voor mij wel een en ander. Ik weet niet hoe ik hiermee moet omgaan. Maandag kan ik weer naar Kirsten. Ik wil het hier zeker met haar over hebben.

Na Siciliƫ stelde Hanne al voor om in relatietherapie te gaan. Ik zou het terug op tafel willen leggen, maar dan moeten we eerst weer even uit deze impasse raken, want momenteel horen we elkaar niet meer en ik weet zelf niet meer van welk hout pijlen te maken. Ergens hoop ik weer dat zij de eerste stap zal zetten. Mij lukt het niet. Zwak, ik besef dat. Maar ik zit te diep momenteel. Ik besef ook dat er met deze afwachtende houding, van mijn kant, het risico bestaat dat ze er een punt achter zet.

Vakantie

Ik wacht. Op de luchthaven van Catana, Siciliƫ. We vertrekken dadelijk terug naar huis. We, Hanne en ik. Van vijf dagen Siciliƫ waren er drie met ruzie. Momenteel ook weer, dus ik ben ergens anders gaan zitten.

Ik erger me verschrikkelijk aan egoĆÆsme. Ik kan er gewoon niet tegen. De beste plaats willen op het vliegtuig, op de bus, het minst lang de rugzak dragen, etc etc. Mij maakt het totaal niet uit. Ik sta er zelfs nauwelijks bij stil, maar het feit dat zij er telkens haar aandacht op vestigt als ze zogenaamd ‘benadeeld’ wordt, ergert me.

Banaal, ik weet het. Ik besef het, maar ik ben zelf zo zorgzaam voor anderen en ik vind het erg moeilijk als ik anderen het totaal omgekeerde zie doen en in alles eerst aan zichzelf denken.

Ik heb nood aan tijd alleen.

Mijn kinderen

Vakantie met mijn kinderen. Is er iets heerlijker dan dit? Ik voel me eigenlijk heel goed als we alleen met ons drietjes zijn. Alles op ’t gemak. Geen haast, geen stress. Het weer blijft mooi en ik kan me in een ligstoel installeren in eigen tuin, terwijl mijn kinderen spelen. Tussendoor maak ik een fruitsalade die we onder de bomen opeten. We kunnen picknicken. Ik maak binnen boterhammen en die eten we buiten op. Er is tijd om te praten met de zonen. Oudste zoon A is een echte huismus en geniet ook zichtbaar van de rust. Ik hou van je mama, zei hij spontaan.

Jongste zoon L is een onverbeterlijke charmeur. Hij is zo puur en kan zijn emoties ongelooflijk goed uiten. Op het feestje van zondag zuchtte hij plots uit het niets: zalig. Ik vroeg wat hij bedoelde. Zalig, dit. Hij bedoelde het samenzijn, het zitten in de tuin, het vieren van zijn verjaardag. Hij wordt deze week 5 jaar. En toen hij cadeaus kreeg, hoorde ik hem uit zichzelf enthousiast zeggen: waaw, je hebt dat zo goed gekozen, dank u en hij vloog de gaste om de hals, zonder dat ik hem moest opdragen dank u te zeggen.

Vandaag was er weer zo’n momentje: Mama, ik ben toch een echte gelukzak.
Het kwam erop neer dat hij blij is dat hij zoveel kan spelen omdat hij nog een kleuter is terwijl A al moet leren op school. En daarna zei hij dat ik ook een gelukzak ben, omdat ik mama ben. Zo geweldig dat hij de kleine dingen des levens op zijn leeftijd al weet te appreciƫren.

Ik ben zĆ³ geweldig trots op mijn beide jongens. Ik geniet zo van hun aanwezigheid. En ik ben dankbaar en fier omdat ik iets heb dat het leven de moeite waard maakt. Ergens denk ik ook: ik heb toch iets goeds gedaan in mijn leven als ik zo’n prachtige kinderen heb.

Zoekend in mijn relatie

Er zijn enorm veel hoogtes en laagtes in de manier waarop ik naar Hanne kijk. Ik mis haar als ik haar pakweg een dag niet hoor, maar als ik haar dan hoor, erger ik me mateloos.

Na onze laatste (zoveelste) ruzie nam ik mezelf voor om zeer kritisch naar mezelf te kijken. Misschien verwacht ik teveel van haar. Ik mag haar niet willen veranderen. Mijn grootste probleem is echter dat ik mijn vertrouwen verlies, kwaad word, verdrietig word als ik het gevoel heb niet gehoord te worden. Hoe meer Hanne opkomt voor zichzelf en ruimte inneemt in onze relatie, hoe meer ik me afgewezen voel. Ik ben me ervan bewust dat ik een groot aandeel heb ik onze conflicten. Ze verwoordt dat ze soms te moe is om naar me te luisteren en dat blijft hangen als het zwaard van Damocles boven mijn hoofd. Ik weet gƩƩn blijf met mezelf.

Gisteren gaf ik een feestje voor mijn jongste zoon die 5 jaar wordt. Toen iedereen naar huis was, bleven enkel Hanne en haar kinderen nog over. Omdat onze kinderen nog zo mooi samen speelden, hadden wij tijd voor een korte babbel. Eerst nam ik haar vast en alles voelde goed, voelde fijn, was okƩ voor mij. Maar dan begonnen we te praten en kwam opnieuw ter sprake dat ze soms de energie niet heeft om naar me te luisteren. Ik ben er niet meer op doorgegaan (niet de plaats, noch het moment), maar plots verdween weer al mijn liefde voor haar.

Ik heb nood aan praten, aan gesprekken die ertoe doen. Zij heeft nood aan luchtigheid en humor als ze moe is of minder goed in haar vel zit. Onze humor is best wel aan elkaar gewaagd, maar als ik me minder goed voel, dan heb ik er geen boodschap aan. Dan heb ik nood aan gehoord worden. Eens ik mijn verhaal kwijt ben, is het ook in orde en kan ik weer helemaal gek en onnozel doen. Maar zij verliest haar energie door eerst te moeten luisteren. Ze neemt alles ook makkelijk veel te zwaar binnen. Ze heeft het er dan bijvoorbeeld heel moeilijk mee dat ik niet gelukkig ben. Niet gelukkig ben? Dat heeft er niets mee te maken. Ik ben een vat vol emoties en ik heb er jaren over gedaan om een gezonde manier te vinden om deze te uiten. Maar praten moet ik. Net dat praten en het legen van dat vat is noodzakelijk om gelukkig te zijn. Maar dat krijg ik niet uitgelegd aan Hanne. Ze wil het begrijpen, maar tegelijkertijd voel ik dat ze het niet begrijpt. En nog crucialer: het verandert haar manier van omgaan met mij uiteraard niet. Wat mij energie geeft, kost haar energie. Ik weet niet hoe we dit kunnen verenigen met elkaar.

Van kindsbeen af is er geen ruimte geweest voor wie ik ben. Op emotioneel vlak zorgde ik voor mijn labiele moeder. En dat ging zeer ver. Mijn eigen emoties uitte ik niet. Later ging ik automutileren en zocht aandacht door me als lustobject voor de voeten van mannen te gooien.

Dat is verleden tijd. Maar ik wil mezelf evenwel niet meer verloochenen. Ik wil mezelf niet wegcijferen voor Hanne. Ik ben nog steeds een zorgend type en luister oprecht graag naar anderen. Maar ikzelf ben ook belangrijk. Al wil ik ook Hannes eigenheid respecteren. Ik vind het zĆ³ belangrijk om serieus genomen te worden, om aanvaard te worden om wie ik diep vanbinnen ben. Ik voel me nog steeds snel afgewezen. Vertrouwen is een zeer lang proces.

Wat vind ik zo tof aan Hanne: Ze is sociaal en graag gezien. Populair zelfs. Het type dat in mijn jeugd nooit met mij zou willen omgaan. Ze geeft me het gevoel te vechten voor onze relatie. Stabiliteit. Want hoewel ik onze relatie in gedachten al vaak opgeblazen heb, voel ik dat zij niet snel opgeeft. Dat geeft me een veilig gevoel (dit punt is het allerbelangrijkste voor mij – het gevoel dat ik me vreselijk kan misdragen en ze toch bij me blijft). En hoewel ze mijn type niet is, is ze wel een mooie vrouw. Ze is verbaal sterk. Helaas voel ik me de laatste maanden toch weer de sterkere in onze relatie. Omdat zij zich meer aan me gehecht heeft dan omgekeerd. Ik neem nog steeds zeer makkelijk afstand uit angst om gekwetst te worden. Tot slot daagt ze me uit om een betere versie van mezelf te worden, om aan zelfreflectie te doen.

Daartegenover staat dat ik nooit echt verliefd ben geweest, maar ik ben ook niet overtuigd dat dat nodig is om een relatie te doen slagen. Al mijn verliefdheden waren hopeloos en nooit wederzijds. Op Stan was ik ook nooit verliefd, maar we zijn wel 14 jaar samen geweest. Hanne is dus ook mijn type niet. Ik ben 1m80 en val op kleine, tengere vrouwelijke types met een kwetsbaar uiterlijk en zorgend karakter. Hanne is 1m75, niet tenger (wel normaal gebouwd), heeft een vrouwelijke, sportieve stijl, heeft een grote mond en is heel egocentrisch. Ik durf zelfs egoĆÆstisch zeggen. Ze is heel erg bezig met zichzelf en geeft dat zelf ook aan. En dat is ook meteen hetgeen me het ergst stoort aan haar.

Zucht. Ik ben misschien geen relatiemateriaal. Maar ik wil ook niet alleen zijn.

Lieve: the end

Ik heb gisteren nog eens een bericht naar Lieve gestuurd. De laatste keer was in juni en toen had ik gevraagd of ze nog eens wou afspreken. Ze zou toen gauw nog iets laten weten. Niet dus.

Vandaag na wat gepraat over haar en mijn vakantie stuurde ik dit:

Jij ook! En laat je nog eens iets horen? Ook als je geen zin hebt om iets af te spreken? Dan weet ik waar ik aan toe ben. Ik heb liever dat je dat gewoon even zegt. Hopelijk tot later! Groetjes

Haar antwoord: Ik spreek liever niet meer af. Ik hoop dat je dit begrijpt. Groetjes. Ik zal zeker nog wel eens iets van mij laten horen. En nu nog verder inpakken.šŸ˜Š

Ik: Ok, dankjewel voor je duidelijk antwoord. Fijne vakantie nog! Groetjes

Het doet pijn, hoewel ik het al wist. Ze stuurde nooit uit zichzelf. Reageerde niet als ik het over afspreken had.
Ik weet niet waarom, maar het heeft ook geen zin om het eruit te sleuren vermoed ik. Ze is zo weinig communicatief en zo afstandelijk.

’s Avonds had ik dan met Mien afgesproken. Dat was heel fijn en een goede afleiding. Toch nog een moederfiguur die me niet afwijst.

Ik voel me heel erg verdrietig. Ik vertelde het gisteren nog aan Hanne. Ze was niet in de mood om te luisteren. Onze problemen van een week geleden, hebben we kunnen uitpraten. Maar gisterenavond begon het weer. Het kost haar energie om te praten met mij. Ze vindt het niet leuk dat ik mijn emoties zoveel toon.

Ik heb mijn twijfels over onze relatie uitgesproken. Ik vroeg me luidop af wat ze bij mij doet als ze het moeilijk heeft met de gesprekken waar ik van nature veel nood aan heb. Ik wil mezelf kunnen zijn in een relatie en zij moet dat uiteraard ook kunnen. Als ik mijn emoties moet verbergen, dan kan ik mezelf niet zijn. Als zij moet nadenken over emoties, dan kost het haar energie. Ik weet niet hoe het verder moet.

We waren deze week allebei kinderloos. Maar ik merk dat ik regelmatig gedacht heb dat ik eigenlijk niet veel zin had om haar te zien. Liever zou ik alleen thuis zitten om mijn gedachten op een rijtje te kunnen zetten. Langs de andere kant kan ik de gedachte niet aan om terug single te zijn.

Vannacht droomde ik, uiteraard, over Lieve. Ik zocht haar op school, maar kwam haar nergens tegen. Ik voel me afgewezen, triest, erg neerslachtig.

Nu moet ik gaan werken.

Jarig

Ik schrijf omdat ik geen blijf weet met mezelf. Sinds een week lijk ik mijn gedachten niet meer op een rijtje te krijgen. Misschien lukt het op deze manier wel.

Ik voel me verongelijkt, afgewezen, alleen, eenzaam.

– Het begon vorige week zondag. Er was een familiefeestje bij Hanne. We spraken af om elkaar met onze auto om 14.45u te treffen vlakbij het feestje om dan samen aan te komen ginder. Het feestje begon om 15u. We hadden allebei onze kinderen bij. Een paar uur voor we hadden afgesproken bedacht ik dat als we om 14.45u afspraken, we 2 minuten later al ter plaatse zouden zijn en we dus als eerste en te vroeg zouden aankomen. Dat bezorgde me veel stress. Ik vroeg Hanne dus om pas om 14.55u af te spreken. Ze wilde toch liever wat vroeger aankomen. Ik voelde me afgewezen en kroop in mijn schulp. We kregen ruzie achteraf. Door mij, omdat ik me niet gehoord voelde. Een dag later heb ik me verontschuldigd via What’s App. Ze bedankte me daarvoor en de kous was af voor haar. Ik bleef echter met een vreemd gevoel van niet gehoord te zijn zitten. Tot op de dag van vandaag heb ik het gevoel er niet toe te doen.

– Daarna was er donderdag. De week ervoor had Hanne gevraagd wanneer ze nog eens bij mij mocht slapen ipv altijd omgekeerd. Ik heb sinds het begin van onze relatie het gevoel dat mijn huis niet voldoet voor haar. Ik maak daar geen probleem van omdat mijn huis van mij is en ik veel stress heb om gastvrouw te zijn. In heel mijn leven heb ik me nooit ergens thuis gevoeld, behalve in mijn huidig huis. Mijn huis is een verlengde van mezelf. Kritiek op mijn huis voelt als kritiek op mezelf. En mensen toelaten in mijn huis is voor mij een enorme vertrouwenskwestie. Ik heb het idee dat mijn huis weerspiegelt wie ik diep van binnen ben. Voor mij voelt het dus veiliger om mijn huis niet open te stellen voor anderen. Periodes dat ik goed in mijn vel zit, heb ik daar minder problemen mee. Periodes dat ik me niet goed voel, blijft mijn huis op slot voor anderen.

Hanne wou dus nog eens bij mij thuis blijven slapen, want ze had het gevoel dat ik haar bij mijn huis weghield. Maar toen vroeg ze plots of ik afgelopen donderdag bij haar kwam slapen. Prima voor mij. Alle stress om haar bij mij te moeten toelaten verdween. Ik hoefde niet noodzakelijk op te ruimen, te poetsen etc zodat mijn huis (en dus ook het diepste van mezelf) toch een wat betere indruk kon nalaten.

Echter, ondertussen is het zaterdag en Hanne vroeg gisteren om vandaag in mijn tuin door te brengen. Ik zie dat niet zitten. Ik was hier niet op voorbereid. Mijn huis is niet zoals ik het zou willen voor ik haar ontvang. Ook speelt in mijn achterhoofd dat als zij moet gaan werken de dag nadien, ze liever niet bij mij blijft slapen de nacht ervoor. Maar ik rij wel 40 minuten naar mijn werk als ik in plaats daarvan bij haar blijf slapen. Als ik thuis was blijven slapen, moest ik maar 10 minuten rijden. Ik voel me verongelijkt. Als ik in het weekend niet wil dat zij bij mij blijft slapen, dan moet ze dat er dan ook maar bijnemen. Zij wou in de week niet blijven slapen. Het hoeft niet altijd te gaan zoals het haar uitkomt.

En zo hou ik haar weer buiten bij mij thuis.

– Gisteren was ik jarig. Donderdagavond zijn mijn kinderen echter vertrokken met Stan en nog een paar mensen naar Spanje. Mijn moederhart brak omdat mijn kinderen een ganse week zo ver van mij zijn en ik hen niet op mijn verjaardag even kon zien. Ik was letterlijk een wrak de afgelopen dagen. Ik weet niet of Hanne dat begrijpt. Ze doet wel haar best.

Mijn verjaardag is jaarlijks een dag van verdriet. Ik word heel graag ouder (mijn leven wordt beter naarmate ik ouder word), maar de dag zelf heb ik (sinds mijn 16e) het gevoel dat ik niet geboren had mogen worden uit twee ouders die niet bij elkaar hoorden en door de slechte jeugd die ik had. Ik was ook een ongelukje en dat heeft mijn moeder me vaak laten merken.

De enige twee mensen die ik die dag rond me wil hebben en me een goed gevoel bezorgen, zijn mijn kinderen, maar die zitten in Spanje.

– De laatste drie nachten dat ik bij Hanne bleef, ben ik telkens ’s nachts op de zetel gaan slapen omwille van een mug in haar kamer die me wakker houdt en me vreselijke jeuk bezorgt. Hanne vindt het niet leuk dat ik dan in de zetel ga liggen. Ik heb haar gevraagd om het toestelletje tegen de muggen te mogen gebruiken vanuit de kamer van haar zoontje, maar dat wil ze niet, want dat kost teveel en dat wil ze enkel gebruiken voor als haar zoontje er is. Het maakt me erg kwaad en het kwetst me dat mijn nachtrust er voor haar niet toe doet. Ook hier voel ik me niet gehoord.

Ik voel me vreselijk slecht. Ik ben momenteel bij Hanne en we zouden vandaag mijn verjaardag vieren. Ze is echter boos omdat ik niet wil dat we vanavond bij mij thuis gaan slapen.

Het liefst zou ik nu naar huis gaan en haar enkele dagen niet meer zien. Ik hoef op deze manier mijn verjaardag niet te vieren. Ik voel me een vreemde in haar huis, niet gewenst. Maar als ik zou vertrekken, dan neemt ze me dat ongetwijfeld heel erg kwalijk.

Al het bovenstaande lijkt onbenullig en dat is het wellicht ook waardoor ik er ook niet over durf spreken met haar. Het komt kinderachtig over. Ze zegt nu al dat ze er voor me is en veel doet voor mij. Ja, dat valt toch niet te weerleggen? Het is een dooddoener waar ik niet tegenop kan.

Maar feit is dat ik me niet aanvaard voel in wie ik ben, dat we naast elkaar praten en de verbinding weer weg is en we geen manier lijken te vinden om elkaar terug te vinden. Ik heb nood aan gehoord te worden op mijn manier en zonder dat zij in de verdediging gaat, want het is niet mijn bedoeling om aan te vallen.

Communicatie is alles, maar we falen hier vreselijk in.